Veelgestelde vragen

Algemeen (5)

Waarom spreekt de ene anderstalige beter Nederlands dan de ander?

Taal leren wordt beïnvloed door:

  • de moedertaal (sommige talen verschillen meer van het Nederlands dan andere
  • het karakter van de taalleerder (lef, faalangst)
  • de spelling van de moedertaal (denk aan Arabisch ten opzichte van Latijns schrift)
  • de hoeveelheid Nederlands die iemand hoort
  • de feedback die iemand krijgt
  • de ervaring die iemand al heeft met het leren van talen
  • de leersnelheid/ taalvaardigheid
  • de motivatie

Het is dus voor iedereen verschillend hoe makkelijk een vreemde taal geleerd wordt.

Voor wie is NT2Spraak?

Wij geven taaltrainingen op maat aan anderstaligen die beter Nederlands willen leren spreken.
Mensen met een taalniveau rond B1 (MBO) of hoger, die duidelijker moeten kunnen spreken voor werk of sollicitatie.
Daarnaast geven wij ook workshops en advies over de uitspraak van het Nederlands als tweede taal aan taalcoaches en NT2-docenten.

Kan ik accentloos leren spreken?

Tja, wat is accentloos? De meeste Nederlanders spreken ook met een accent, denk maar aan Limburgers, Surinamers of Amsterdammers. Als je bent opgegroeid met een andere moedertaal of dialect, dan hoor je die uitspraak terug in het Nederlands. Echt accentloos Nederlands leren spreken kost dan heel veel tijd en energie en is daarom meestal niet haalbaar.
Maar vaak is het ook niet zo erg dat mensen kunnen horen dat je niet uit Nederland komt. Lastiger is het als mensen in je omgeving je niet goed verstaan, of moeten lachen omdat je bepaalde woorden verkeerd uitspreekt. Dat is iets wat je bij NT2Spraak kunt leren: verstaanbaar spreken in het Nederlands. Dat betekent: de juiste klanken, klemtoon en intonatie gebruiken in situaties waar de boodschap belangrijk is.

Hoeveel lessen heb ik nodig?

Hoeveel lessen je nodig hebt hangt onder andere af van het doel van de training, je taalniveau en hoe verstaanbaar je bent. Het aantal lessen hangt ook af van hoeveel je zelf kunt oefenen.
Tijdens het intakegesprek bespreken we dit en kijken we samen wat er nodig is. De meeste trainingen duren 6 tot 12 lessen, met gemiddeld 1 les per week. Maar het is ook mogelijk om twee losse lessen te nemen of een half jaar lang één les in de maand.

Hoe ziet een les bij NT2Spraak eruit?

Een les bestaat ongeveer uit de volgende onderdelen, die één of meer keren worden herhaald:
– we bespreken hoe het de afgelopen week is gegaan en je laat horen wat je hebt geoefend
– de docent geeft een nieuwe spreekopdracht, deze situatie bereid je kort voor
– we voeren de spreekopdracht uit, dit wordt opgenomen op audio
– we luisteren de opname terug en bepalen wat goed was en wat beter kan
– je voert de spreekopdracht nog een keer uit, neemt hem op en luistert terug
– de docent legt naar aanleiding van de spreekopdracht een nieuwe huiswerkopdracht uit

In de NT2-les (5)

Ik zeg het zo vaak voor maar mijn cursist zegt het nooit goed na, snapt hij het niet?

De cursist hoort waarschijnlijk helemaal geen verschil tussen wat jij zegt en wat hij zegt. Als een Nederlandse klank in de eigen taal niet bestaat, wordt die ingevuld met een klank die in de eigen taal wel bekend is.
Dus uu wordt oe, aa wordt a, h wordt g etc. De cursist moet zich eerst bewust worden van het verschil: een buur is iets ander dan een boer en dit verschil moet hij dus ook leren horen. Bijvoorbeeld door luisteroefeningen en door steeds te verwijzen naar een kapstokwoord.

Waarom kan mijn cursist de /r/ niet uitspreken?

In sommige talen bestaat onze trillende r gewoon helemaal niet.
In andere talen zijn de r en de l inwisselbaar, daarin maakt niet uit welke van de twee je gebruikt. Denk aan onze huig-r en tongpunt-r, die geven ook geen verschil in betekenis.
De eerste groep cursisten raden wij aan een huig-r te leren door gorgelen met water. De tongpunt-r is motorisch erg lastig en zit bovendien op dezelfde plek als de l, dat is verwarrend.
De tweede groep kan beide klanken al uitspreken, maar moet leren dat bloot iets anders betekent dan brood, en dat een woord met de letter r altijd met een trillende r wordt uitgesproken.

Is er een lijst met uitspraakfouten per taal zodat ik weet wat mijn cursist moet leren?

Over het algemeen zien we dat vrijwel alle cursisten in het begin moeite hebben met de plaats van de klemtoon in langere woorden, met de uitspraak van de stomme e (sjwa), met het verschil tussen de korte en lange klinkers en de uitspraak van typisch Nederlandse klanken: uu, u, ui, g, h.

Veel slecht verstaanbare cursisten hebben bovendien problemen met medeklinkerclusters: strand wordt ‘seteran’ of ‘estran’. Vaak zijn dit taalleerders uit China, Japan, Thailand, Indonesië, Spanje, Portugal en Zuid Amerika. Zij moeten leren om onze complexe lettergrepen te herkennen en oefenen met de articulatie van meerdere medeklinkers achter elkaar.

Hoe geef ik feedback?

Wij horen vaak dat docenten impliciete feedback geven, bijvoorbeeld: ‘Nee, het stúúr’ als iemand ‘stoer’ zegt. Dit heeft weinig zin als de cursist het verschil tussen stoer en stuur niet hoort.
Belangrijk is dus dat de cursisten weten waar je het over hebt. Koppel bijvoorbeeld de uu aan muur en de oe aan boek. Laat ze luisteren naar het verschil tussen die woorden, noem andere woorden die alleen verschillen op die klank (boer/buur, voer/vuur etc), laat woorden sorteren op klank, nieuwe woorden zoeken, doe een dictee etc. De volgende stap is oefenen: de oe kan iedereen meestal wel, de uu zit voor in de mond en kun je uitlokken door een ie met geronde lippen uit te spreken.
Geef hier expliciete feedback: ‘Nee, jij zegt stoer, van boek, maar het is stuur van muur’. Laat de cursisten een oefenlijstje maken om thuis te oefenen, laat ze jouw uitspraak opnemen met hun mobiel en wijs ze op de apps en sites (zie materialenlijst).

Wanneer focus ik in mijn les op uitspraak?

De uitspraak is gekoppeld aan het niveau van de spreek- en luistervaardigheid. Als de cursist nog nauwelijks Nederlands gehoord heeft, is het zinloos om de uitspraak te laten oefenen: de cursist moet eerst wennen aan de klank van de taal en de betekenis van de woorden leren. Zodra er woorden van meer dan 2 lettergrepen aan bod komen, is het verstandig om aandacht te geven aan de klemtoon en de uitspraak van de stomme e. Dit zijn aspecten die heel belangrijk zijn voor de verstaanbaarheid en die je niet aan het woord kunt zien.
De eerste stap is weer: zorg dat de cursisten weten waar je het over hebt. De klemtoon kun je als volgt introduceren: Mijn naam is Marieke. Marieke. Wat is jouw naam? Mohammed? of Mohammed? etc. Schrijf de namen op het bord en onderstreep de lettergreep waar de klemtoon ligt. Laat de klemtoon duidelijk horen door hem iets hoger, harder en langer uit te spreken.
Geef dan de cursisten een woordenlijst met bekende woorden en laat ze onderstrepen waar de klemtoon ligt. De stomme e heeft nooit de klemtoon.
Onderstreep bij de introductie van nieuwe woorden zelf de klemtoon. Dit kan ook in korte zinnen. Laat de uitspraak regelmatig terugkomen als onderdeel van de lessen.

Op de werkvloer (3)

Komen jullie langs op de werklocatie?

Bij bedrijven in de Randstad komen wij langs voor een intake als de werkgever dat wil. Als er op de werkplek genoeg ruimte is, kunnen de lessen zelf ook op de werkvloer worden gegeven. Maar de werknemer kan ook in Leiden terecht. Soms geven wij (een gedeelte van) de lessen via Skype, dit scheelt reistijd en werkt zeker zo effectief.

Aan de telefoon is mijn collega niet goed te verstaan.

Iemand die tijdens een gewoon gesprek nog wel te volgen is, kan aan de telefoon heel slecht te verstaan zijn.
Tijdens een telefoongesprek mist de luisteraar een heleboel informatie. Je ziet geen mimiek, geen gebaren en je hebt minder context. Het is voor de spreker dus belangrijk om de informatie extra goed over te brengen.
Een paar aandachtspunten:
– structureren van het gesprek
– zeggen wat de ander niet kan zien
– rustig spreken
– verstaanbaar spreken met de juiste klanken, klemtoon, intonatie

Wat kunnen jullie mijn werknemers bieden?

Wij bieden begeleiding met betrekking tot het verstaanbaar spreken.
Dit doen we in de volgende stappen:
1. de intake: bepalen van het doel van de training en de aandachtspunten
2. de training:

  • a. kennis van aandachtspunten
  • b. bewust worden van aandachtspunten (horen, situaties herkennen)
  • c. oefenen van de aandachtspunten in woorden en zinnen van de werkvloer
  • d. toepassen van vaardigheden in werksituaties

3. evaluatie

Al onze cursisten geven tijdens de training aan dat ze complimenten krijgen van collega’s over hun uitspraak. Een ander belangrijk effect van de training is dat het zelfvertrouwen van de werknemer toeneemt omdat hij/zij nu meer regie over zijn manier van spreken heeft.